Poffert

Lees hier de wekelijkse column van burgemeester Tanja Haseloop - Amsing. Deze week over poffert.

Iedere streek heeft zijn eigen gerechten, iedere familie zijn eigen tradities. Rolf en ik komen, zoals u vast weet, uit Groningen. Ik denk dat poffert voor Groningen is wat kruutmoes voor deze regio is. In andere delen van het land zijn overigens vergelijkbare recepten te vinden, bijvoorbeeld onder de naam ketelkoek. Door de naam zou je anders kunnen denken, maar met poffertjes heeft het helemaal niets te maken. Mijn man Rolf schreef ooit een verhaal over poffert. Ik deel dat graag met u:

Elke familie heeft wel een familie-erfstuk waar grote waarde aan wordt gehecht. Dat de herinnering die er aan kleeft niet hoeft af te hangen van de waarde, maar eerder ligt aan het genot dat je eraan beleeft illustreert het volgende verhaal. De overgrootvader van mijn vader had vroeger een melksalon in de stad Groningen. Eén van de meest tastbare dingen die hiervan overgebleven zijn is een poffertpan. Een dunnen metalen pan waarvan het deksel vastgezet kan worden met beugeltjes. Het mooiste van de pan zit echter in het hart, een holle buis die aan de onderkant geopend is en aan de bovenkant gesloten. Bij ons thuis werd deze pan regelmatig gebruikt, meestal in combinatie met Linzensoep of Snert. De poffert van mijn moeder genoot bij ons in de buurt een zo grote faam dat menig vriendje het bij ons kwam eten. Veel moeders zijn gek gezeurd om ook zo’n pan. Mevrouw Haseloop wist wel hoe en wat.

Mijn broer en ik zijn al weer jaren het huis uit, maar bij mijn moeder in de kast staat nog steeds die pan. Helemaal bedekt met kalkaanslag van al die uren trouwe dienst in kokend water. Ook onze kinderen zijn er dol op en inmiddels geniet ook haar eerste achterkleinkind van het lekkers. Jaren geleden verraste Sinterklaas ons met een eigen poffertpan. Maar hoe goed ik mijn best ook doe, zo lekker als die uit de oude poffertpan wordt het nooit.

Recept

  • 1 poffertpan
  • 1 grote pan waar de poffertpan in past
  • Spuitbus of kwastje om in te vetten
  • 1 pond zelfrijzend bakmeel
  • ½ pond gele suiker
  • Mespuntje zout
  • Beetje melk
  • 2 eieren
  • Paneermeel

Meel, suiker en zout in een kom doen en mengen.
Al roerende melk toevoegen tot een zeer stijf mengsel.
Al roerende de eieren erbij doen, en roeren tot een glad beslag.
Poffertpan invetten en bestuiven met panneermeel.
Mengsel in de poffertpan doen en pan afsluiten met het deksel.
In de grote pan water aan de kook brengen en de poffertpan er in zetten, water moet net onder de dekselrand staan.
Pan afsluiten en zachtjes door laten koken (ca. 60 min)
Met een breipen (of sate prikker) in de poffert prikken om te kijken of hij gaar is.

De poffert is warm en koud te eten met roomboter, gele suiker of stroop. Eet smakelijk!

Zomerse groet,

Tanja Haseloop-Amsing
burgemeester