Plat proat’n mag

Lees hier de wekelijkse column van burgemeester Tanja Haseloop - Amsing.

In grote delen van het land is maart de maand van de streektaal; we zetten dan onze streektaal in het zonnetje. Natuurlijk doen we hier in Oldebroek graag aan mee. Zo heb ik overwogen deze column in het ‘plat’ te schrijven, maar al schrijvend bleek het toch geen goed idee. Plat praten mag zeker, maar het is ook fijn als u gewoon begrijpt wat ik schrijf…

Voor mij, als Groningse met Drentse wortels, is het dialect van Oldebroek wel een beetje wennen. Toen ik voor het eerst over een Kukeluussien hoorde moest ik echt even schakelen. Maar over het algemeen volg ik het goed, het is tenslotte allemaal Nedersaksisch, al heeft ook dat verschillende dialecten. In Groningen spreken ze Noord-Nedersaksisch, het Drents is weer een apart dialect en de taal hier is verwant aan het Westfaals; ik heb het maar even opgezocht voor de gelegenheid…

De meeste streektalen of dialecten zijn al ontstaan in of rond de Middeleeuwen; we spreken met recht over eeuwenoude tradities. We mogen trots zijn op het dialect dat we hebben en gelukkig zijn er, ook in Oldebroek, instanties die hun best doen de lokale dialecten in stand te houden en door te geven. Ik denk bijvoorbeeld aan het streekarchief, het boerderijmuseum en oudheidkundige vereniging De Broeklanden met verhalenvertellers zoals Dini van der Velde.

De tijd dat dialect werd gezien als ‘slecht Nederlands’ ligt gelukkig wel ongeveer achter ons. En we weten dat sommige van de mooiste liedjes in streektaal zijn. Ede Staal, Daniel Lohues en, uit onze regio, Frans Nieuwenhuis laten horen hoe mooi en rijk onze taal is. En Normaal zorgde er decennia geleden al voor dat heel Nederland meezong met Oerend Hard.

Toch krijgen onze kinderen les in het zogenaamde ABN, en ook dat is goed. Niet altijd en overal kun je goed uit de voeten met je eigen streektaal. En het is wel fijn om je overal goed verstaanbaar te kunnen maken. In het Gronings zeggen ze dan: “Wie wöllen Hollands eren maar ' t Grunings nooit verleren.” Wie van huis uit gewend is om dialect te spreken zal dingen die er echt toe doen, zaken van het hart, vast en zeker makkelijker onder woorden kunnen brengen in het dialect, in je moerstaal. En daarom zeg ik ‘plat praot’n mag’. Tjow!

Tanja Haseloop-Amsing
Burgemeester

Oproep!

Voor de maand van de streektaal nodig ik u van harte uit uw gedichten, verhaaltjes, tekstjes in dialect met ons te delen. Eind maart publiceren we een maart-streektaal-pagina in de Veluwekoerier. Wie weet vindt u daar dan uw bijdrage weer terug. U kunt uw bijdrage insturen naar communicatie@oldebroek.nl of per post naar het gemeentehuis.