Column: Blijven luisteren
Lees hier de column van 4 augustus 2026.
De afgelopen weken sprak ik veel boeren. Tijdens bijeenkomsten, telefonisch en soms gewoon onderweg. Steeds hoorde ik hetzelfde: boosheid, onzekerheid, frustratie en zorgen over de toekomst. Die gesprekken laten mij niet los.
Dat is ook niet zo vreemd. De nieuwe stikstof- en waterkwaliteitsplannen van het kabinet zorgen voor veel vragen. Wat betekenen de regels straks voor mijn bedrijf? Kan ik nog investeren? Kan ik het bedrijf overdragen aan de volgende generatie? En dan is er ook nog de aanwezigheid van de wolf die voor veel slapeloze nachten zorgt. Waardoor boeren iedere ochtend met een steen in hun buik naar hun vee gaan, en te vaak dode dieren en/of gewonde dieren aantreffen. Voor mensen die dagelijks met hart en ziel voor hun dieren zorgen heeft dit enorme impact. Dat verdriet, die machteloosheid en die boosheid zie ik. En die raken ook mij.
Als burgemeester krijg ik regelmatig de vraag wat ik hiervan vind en waarom ik hier niets aan doe. Die vragen begrijp ik. Daarom vind ik het belangrijk om hier te vertellen wat mijn mogelijkheden zijn. Regels over stikstof, waterkwaliteit en de bescherming van de wolf worden niet in Oldebroek gemaakt. De gemeente is hier geen “bevoegd gezag’. Dat betekent dat de gemeente er niet over gaat.
Dat betekent niet dat ik machteloos ben. Juist als burgemeester heb ik de verantwoordelijkheid om te luisteren naar wat er leeft in onze gemeente. Om zichtbaar te zijn, het gesprek aan te gaan en de signalen die ik hoor over te brengen naar de plekken waar de besluiten worden genomen. Daarom spreek ik met boeren, met de provincie en met het Rijk. Zo heb ik gedeputeerde Harold Zoet tijdens de boerenprotestactie in onze gemeente uitgenodigd om met een deel van de Oldebroeker boeren in gesprek te gaan over de impact van de wolf. Besluiten worden dan wel elders genomen, maar de gevolgen zien we hier in ons buitengebied.
Ik begrijp ook heel goed dat boeren hun zorgen zelf zichtbaar willen maken. Dat is goed. Een democratie is gebaat bij inwoners die zich uitspreken en betrokken zijn bij wat er speelt. Ik ben dan ook dankbaar voor de open gesprekken die ik met veel boeren mag voeren. We kennen elkaar, weten elkaar te vinden en blijven met elkaar in gesprek.
Als burgemeester draag ik óók een andere verantwoordelijkheid. Ik ben er voor álle inwoners van onze gemeente en ben verantwoordelijk voor de openbare orde en veiligheid. Dat betekent dat ik soms moet optreden wanneer acties leiden tot onveilige situaties of wanneer de openbare ruimte wordt beschadigd. Niet vanwege de boodschap die iemand wil overbrengen, maar omdat veiligheid voorop staat en de regels voor iedereen gelden. Dat onderscheid vind ik belangrijk. Begrip hebben voor zorgen en tegelijkertijd de wet handhaven, sluiten elkaar niet uit.
Soms hoor ik dat het dan lijkt alsof ik boeren de rug toekeer. Dat doet mij pijn, omdat niets minder waar is. Ik blijf luisteren. Ik blijf de verhalen uit onze gemeente onder de aandacht brengen bij de partijen die de besluiten nemen. En ik blijf geloven dat je met een goed gesprek meer bereikt dan tegenover elkaar staan.
Het doet mij goed dat ook het nieuwe gemeentebestuur heeft uitgesproken zich te willen inzetten voor de belangen van onze agrarische ondernemers en die belangen onder de aandacht te blijven brengen bij provincie en Rijk. Dat geeft een duidelijke boodschap af aan onze boeren: u staat er niet alleen voor.
Ik weet dat ik niet alle antwoorden heb. En ik weet ook dat ik niet alle problemen kan oplossen. Maar ik kan wél beloven dat ik mij iedere dag blijf inzetten om de stem van onze boeren en van onze gemeente te laten horen. Daar blijf ik mij, samen met ons gemeentebestuur, iedere dag voor inzetten.