Column: Een klein gebaar

Lees hier de column van 7 april 2026.

Vaak zit het in de kleine dingen. Een gebaar dat je dag kleurt. Laatst was ik op bezoek bij een echtpaar in onze gemeente dat hun 65-jarige huwelijk vierde. Buiten hing een mooi spandoek met een foto en de Loco Media groep maakte opnames. Na het fotomoment gingen we naar binnen. Even later kwam er iemand binnen met een bos bloemen. Hij zei: “Ik zie dat jullie iets te vieren hebben.”

Het echtpaar was verbaasd, ze kenden hem niet. De man bleek oorspronkelijk afkomstig uit Iran en woont al zo’n 12 jaar in Nederland. Onderweg naar zijn werk had hij ons bij het versierde huis gezien, en besloot hij speciaal bloemen te kopen. “Ik kan mijn opa en oma geen bloemen meer geven,” zei hij “dus feliciteer ik jullie”. Hij wilde niets terug: geen koffie, geen gebak. Alleen een glas water, want er moest gewerkt worden. Ook op zaterdag. Toen het echtpaar vertelde dat zij niet meer werkten, glimlachte hij en zei: “Dat hoeft ook niet, u heeft genoeg gedaan. Nu is het onze beurt.”

Er volgde een bijzonder gesprek. Over werk, over familie, over zorgen. Want de situatie in Iran houdt hem dagelijks bezig. Even later vertrok hij weer, op weg naar zijn werk, en liet ons achter met een gevoel dat moeilijk in woorden te vatten is. Verwondering, misschien. Of gewoon: geraakt zijn. Ook ik was er stil van. Want ja, in onze gemeente kijken we naar elkaar om. We helpen elkaar, vaak zonder er iets voor terug te verwachten. Maar zó’n gebaar – zomaar, voor mensen die je niet kent – dat zette mij wel even op scherp. Hoe vanzelfsprekend is onze aandacht voor de ander eigenlijk nog?

Nog zo’n moment dat me is bijgebleven, was helemaal in het begin van mijn burgemeesterschap hier in Oldebroek. Er was een naturalisatieceremonie. Altijd een bijzonder moment, waarop mensen officieel Nederlander worden. Ik kon daar helaas niet bij zijn en wethouder Vos nam het van mij over. Dat was een teleurstelling voor één van de nieuwe Nederlanders want hij had een schilderij van en voor mij gemaakt. Er stond dus later een afspraak in mijn agenda zonder dat ik wist waarom die meneer langskwam. Als verrassing gaf hij me dat schilderij. Hoe bijzonder is dat.

Ik denk ook aan de cake, bloemen, kaartjes en bemoedigende mails die ik van inwoners kreeg tijdens de coronapandemie, de boerenprotesten, de momenten dat onderwerpen zoals asiel de gemoederen verhitte. Verrassende boodschappen die, op momenten dat je het niet verwacht, je dag iets lichter kleuren.

Als ik deze momenten naast elkaar leg, zie ik een rode draad. Kleine gebaren, groot van betekenis. Aandacht die verder gaat dan woorden. En misschien helpen juist dit soort ontmoetingen ons herinneren wat we belangrijk vinden: omzien naar elkaar. Zeker op momenten dat we tegenover elkaar lijken te staan. Want laten we eerlijk zijn: samenleven gaat niet altijd vanzelf. Het schuurt soms. Het roept vragen op, en ook zorgen. Zeker in deze tijd.

Juist daarom blijven dit soort momenten mij bij. Ik neem me in ieder geval voor om vaker stil te staan bij wat kleine dingen voor anderen kunnen betekenen, voor bekenden en onbekenden. Om daar nog bewuster mee om te gaan. Want soms is een klein gebaar precies wat nodig is om iets groots te laten groeien.

Tanja Haseloop – Amsing
burgemeester